Standaard 5: hechting

Een baby groeit niet alleen van voeding, maar ook van liefde en aandacht. Ouders moeten weten hoe zij de ontwikkeling van hun kind kunnen stimuleren door responsieve verzorging.


Hechting en zeggenschap

Voorheen opgenomen in Vuistregel 7

Ouders worden gesteund in het ontwikkelen van een hechte band met hun kind en het nemen van geïnformeerde beslissingen over de verzorging en behandeling van hun kind.

S5.1) Moeder en kind zijn dag en nacht in elkaars nabijheid.

S5.2) Ouders worden aangemoedigd hun baby aan te raken, vast te houden, te voeden en te verzorgen, ook als die prematuur of ziek is.

S5.3) Ouders krijgen uitleg over het belang van rooming-in gedurende de eerste zes maanden ter bevordering van de hechting, het voeden op verzoek en ter preventie van wiegendood.

S5.4) Ouders krijgen uitleg over manieren van troosten.

 

Indicatoren Standaard 5 - Hechting

In het beleid staat dat de organisatie gezinsgerichte zorg levert en dat de organisatie de visie uitdraagt dat moeder en baby gedurende het eerste half jaar een eenheid vormen.

S5.i.1) Voor ziekenhuizen geldt dat er een beleid moet zijn voor de situatie dat: een moeder met een kind jonger dan zes maanden wordt opgenomen, of voor de situatie dat een kind jonger dan zes maanden wordt opgenomen. Indien een organisatie een zilveren of gouden smiley heeft wordt die beoordeling gevolgd; in dat geval wordt dit aspect niet door BFN beoordeeld.

S5.i.2) Uit het beleid blijkt dat ouders worden te allen tijde gestimuleerd worden om hun behoeften en wensen ten aanzien van de zorg kenbaar te maken en over de zorg mee te beslissen.

 

Criteria bij Standaard 5

Bij ouders wordt Standaard 5 getoetst op de volgende criteria:

Van de geïnterviewde zwangeren kan minimaal 80% bevestigen dat zij informatie kreeg over:

S5.c.1) het belang van hechting en een responsieve relatie met haar kind

S5.c.2) wat de hechting bevordert

S5.c.3) het belang van rooming-in in het eerste half jaar

Van de geïnterviewde (kraam)vrouwen kan minimaal 80% bevestigen dat:

S5.c.4) zij informatie kreeg over het belang van rooming-in in het eerste half jaar

S5.c.5) zij uitleg kreeg over de risico’s van veelvuldig fopspeengebruik bij het geven van borstvoeding

S5.c.6) zij uitleg kreeg over nabijheid en hechting